Voor beleidsmedewerkers economie en ruimte · alle gemeenten
Bedrijvigheid per buurt
Drie vragen over werken in je gemeente, beantwoord met open data van het CBS, de BAG en de Iv3-jaarrekening. Kies een gemeente: per vraag krijg je eerst het antwoord, daarna de kaart en de buurten die eruit springen.
Of begin met
Bronnen, definities en waar je op moet letten
Werkadressen en werkruimte komen uit de BAG (Kadaster, via PDOK), stand 30 september 2026: verblijfsobjecten in gebruik met een winkel-, kantoor-, industrie-, bijeenkomst-, logies-, onderwijs-, zorg- of sportfunctie en zonder woonfunctie. Garages en bergingen (alleen een overige gebruiksfunctie) en recreatiewoningen (alleen logiesfunctie, kleiner dan 200 m²) tellen niet mee.
Woningen komen ook uit de BAG, zelfde stand: verblijfsobjecten in gebruik met een woonfunctie. Zo komen woningen en werkadressen uit één bron met één peildatum. Het CBS telt de woningvoorraad op dezelfde manier, maar op 1 januari; kleine verschillen zijn dus normaal.
Vestigingen komen uit de CBS Kerncijfers wijken en buurten 2025 (tabel 86165NED): het aantal bedrijfsvestigingen per buurt op 1 januari 2025, afgerond op vijftallen. Bij minder dan 20 vestigingen geeft het CBS geen verdeling naar sector.
Buurten volgen de CBS-buurtindeling 2025 (Wijk- en buurtkaart 2025, via PDOK). Elk adres is op zijn ligging aan een buurt toegekend. In de buurtgegevens staat de officiële buurtcode, zodat je de cijfers aan andere bronnen kunt koppelen.
Mengverhouding is het aandeel werkadressen in alle adressen van een buurt: werkadressen gedeeld door werkadressen plus woningen. Een woning met een winkel in hetzelfde verblijfsobject telt als woning.
Ondernemen vanuit huis meet het aantal vestigingen per 100 woningen in woonbuurten: buurten met minstens 100 woningen waar minder dan 10% van de adressen een werkadres is. Daar kunnen de meeste vestigingen geen eigen bedrijfspand hebben. Een vestiging is een adres waar een bedrijf actief is, geen telling van personen.
OZB per m² is de opbrengst van de OZB niet-woningen in de jaarrekening 2025 (Iv3, taakveld 0.62, via het CBS), gedeeld door de vierkante meters werkruimte in de BAG. Het verschil tussen gemeenten komt door het tarief én door de WOZ-waarde. De OZB wordt ook geheven op objecten die hier niet als werkruimte tellen, zoals garages en nutsvoorzieningen. Gebruik de maat om gemeenten te vergelijken, niet als exacte opbrengst per pand.